Afbeelding

Column Kaatje Knip: Moederdag toen, Moederdag nu

Moederdag toen en Moederdag nu lijken op het eerste gezicht hetzelfde. Bloemen op tafel, een kaartje met lieve woorden, misschien een ontbijt op bed. Maar onder die herkenbare rituelen kan een wereld van verschil schuilgaan. Voor hem. Voor haar. Voor beiden. Toen was geluk heel gewoon, werd er gezongen.

Moederdag licht, luchtig en vredig. Er hing verwachting in de lucht, een haast kinderlijke trots in het zorgvuldig uitgekozen cadeautje. Misschien was het knutselwerk nog scheef en zat de lijm zichtbaar op de randen, maar het droeg iets puurs in zich, vanzelfsprekendheid. Dat zij er was, en dat hij er was. Het leven liet zich toen eenvoudig vieren. Nu voelt dezelfde dag zwaar. Alsof de stilte tussen de woorden luider is geworden dan de woorden zelf. 


Voor Wim is Moederdag een herinnering geworden die schuurt, zo vertelde hij. Zij is er niet meer. Misschien is wat ooit vanzelfsprekend leek, abrupt afgebroken. Een lege stoel aan tafel zegt meer dan duizend zinnen. Hij kijkt naar anderen die vieren en voelt hoe gemis zich vermomt als afstand. Hij weet niet altijd waar hij moet kijken, waar hij zijn handen moet laten, of wat hij moet zeggen.


Voor haar is het niet anders. Misschien draagt zij een verlies dat onzichtbaar is voor de buitenwereld. Een kind dat er niet meer is, of er nooit kwam. Moederdag wordt dan geen viering, maar een confrontatie. Elk kaartje in een etalage, elke reclame, elke glimlach van een ander gezin raakt een plek die moeilijk te benoemen is. Zij glimlacht misschien mee, maar van binnen beweegt iets wat niet meebeweegt met de feestelijkheid.


En soms is het verdriet gedeeld. Voor beiden. In dezelfde ruimte, maar niet altijd in dezelfde taal. Hij wil sterk zijn voor haar. Zij wil sterk zijn voor hem. En juist daarin kan een afstand ontstaan die niemand bedoelt. Woorden blijven hangen, omdat ze te zwaar lijken of juist te klein. Hoe troost je elkaar als je hetzelfde verlies draagt, maar het anders beleeft? Moederdag nu vraagt iets anders dan toen. Geen perfect ontbijt, geen verplichte glimlach. Het vraagt zachtheid. Ruimte. Misschien zelfs de moed om het niet te vieren zoals het hoort. Om te erkennen dat liefde en pijn naast elkaar bestaan. Dat herinneringen niet alleen warm zijn, maar ook scherp kunnen snijden. Misschien zit de betekenis nu in kleine gebaren. Een hand die net iets langer wordt vastgehouden. Een blik die zegt: ik zie je, ook in dit. Of juist in het toelaten van stilte, zonder die meteen te willen vullen. Want soms is samen zwijgen eerlijker dan samen doen alsof.


Moederdag toen was eenvoudig geluk. Moederdag nu is gelaagd. Breekbaar. Maar misschien, heel voorzichtig, ook oprecht. Omdat alles wat gevoeld wordt, er mag zijn. Voor hem, voor haar, voor beiden.